Uitgelicht

  • Natuur-lijk

     

    Het moment dat het voor mij duidelijk was dat het allemaal anders zou kunnen.

    Eigenlijk was er niet zo’n moment. Ik heb het met de paplepel ingegoten gekregen. Het zit dus in mijn aard. Mijn vader was een natuurmens. Hij had geen rijbewijs en we deden alles lopend of met de fiets. We hadden een grote tuin met kippen en varkens die we zelf slachtten. We leefden dicht bij de natuur en verbouwden alles zelf. Alleen voor suiker, zout en koffie gingen we naar de winkel.

    Ik ben dus zo gezegd het groene vak ingerold. Ik wist niet beter en handelde niet anders. Ik was onbewust met duurzaamheid bezig.

    Zo ontstond ook mijn eerste kantoor. Ik heb het zo gebouwd dat het één werd met de natuur. Voor het metselwerk gebruikte ik oude misbaksels uit de steenindustrie, het dak is begroeid met sedum en de parkeerplaats bestaat uit leem. Ik was mij bewust van het unieke karakter van de producten en dacht telkens, wat biedt de omgeving mij en wat kan ik er mee? Het kantoor staat er inmiddels ruim 20 jaar en het voldoet nog steeds aan mijn idealen; een gebouw moet te gast zijn in de natuur en opgaan in het landschap.
    Met dezelfde gedachte is de uitbreiding van het kantoor gebouwd. In plaats van dat alles in de fabriek voor ons werd bedacht (perfecte stenen, betonnen vloeren, kalkzandstenen wanden) heb ik gekozen voor muren van stro, chipwood platen en leem.

    Toen circa 9 jaar geleden ‘duurzaamheid’ onder de aandacht kwam was dat de bevestiging van hetgeen ik al deed. Ik stelde mij bij alles dat op mijn pad kwam de vraag: ‘Is het waar?’

    Toen ik later Lodewijk Hoekstra (Tuinman van Eigen Huis & Tuin) op een beurs in Den Bosch sprak, complimenteerde ik hem met zijn ontwerp van een duinlandschap dat hij had gemaakt. Hierin waren  producten verwerkt als Douglas-hout, gevlochten wilgentakken en helmgras. Omgekeerd was Lodewijk gecharmeerd van mijn werk.
    Samen zijn we gaan brainstormen. Was duurzaamheid voor hem ook vanzelfsprekend?

    Duurzaam betekende vroeger dat iets lang mee gaat. Tegenwoordig komt hier meer bij kijken. Hoe zit het bijvoorbeeld met de CO2-uitstoot dat het product veroorzaakt en hoeveel moet de natuur inleveren om een product te vervaardigen?

    Vaak zetten wij vraagtekens bij de afkomst of het gebruik van materialen. Natuursteen is prachtig, maar zijn we ons ervan bewust dat hiervoor hele gebergten in China verdwijnen? Ditzelfde geldt voor onze potgrond. In Nederland staat het behoud van onze natuurgebieden hoog in het vaandel, terwijl tegelijkertijd veenlandschappen in de Baltische staten afgegraven worden om bij ons een plant in een pot te kunnen zetten. Er is veel onwetendheid. In Nederland willen we het goed doen, maar hoe?

    Er was geen twijfel over mogelijk dat we beiden wisten dat het anders moest. De inrichting van de buitenruimte weer in balans brengen met onze natuurlijke leefomgeving, dàt is onze visie.

    Zo ontstond de beweging NL Greenlabel. We brachten een overzichtelijk paspoort uit, vergelijkbaar met het energielabel voor woningen, huishoudelijke apparaten en auto’s. Een simpele ladder die snel inzichtelijk maakt wat het verhaal achter een product is. Wat is bijvoorbeeld de samenstelling en de gebruiksduur? Waar komt het product vandaan en hoeveel energie heeft het gekost om het te maken? Bewustwording creëren bij mensen staat hierbij voorop.

    Door samen te werken met verschillende bedrijven die deze visie delen, kreeg de droom van NL Greenlabel echt gestalte op de Floriade van 2012. Een tuin van 1000 m2 met alleen maar duurzame producten en materialen, was het resultaat.

    Twee Green Deals verder, en een derde in de maak, zijn we met NL Greenlabel zo ver dat we samen met de duurzame producten van onze, inmiddels 125 partnerbedrijven, gebieden volledig kunnen inrichten en een gebiedspaspoort kunnen geven. Een voorbeeld van hoe samenwerking en volharding kunnen leiden tot succes.

    In vergelijking tot het begin van mijn carrière zie ik een grote verandering in het straatbeeld. Ondanks dat er nog veel te winnen valt op het gebied van duurzaamheid, wordt de buitenruimte steeds vaker op een verantwoorde manier  ingericht, de waarde van de natuur wordt meer ingezien en flora en fauna krijgen weer een plek.

    De positieve effecten van groen in onze leefomgeving zijn wetenschappelijk bewezen: groen verbetert de kwaliteit van de leefomgeving, het bevordert de sociale cohesie en verhoogt de biodiversiteit. Werknemers die op groen uitkijken zijn productiever, het arbeidsverzuim daalt, het aantal ligdagen in een ziekenhuis vermindert, vastgoedwaarde wordt verhoogd en ga zo maar door. Natuur biedt ons kansen. En ik pak ze met beide handen aan.

    Een ontwerp maken waar de natuur geen hinder van ondervindt en de wereld een stuk mooier maakt, met gebruik van producten door en voor mensen en met respect voor het bestaande landschap, dàt is wat ik doe. Waarom kiezen voor plastic speeltoestellen met rubberen tegels als je ook kan kiezen voor natuurlijke speelelementen als boomstammen, zand en water?

    Door sectoren zoals de bouw, staalindustrie, mode en meubelindustrie te koppelen aan de wereld waar wij mee bezig zijn, ontstaan nieuwe producten of bestaande producten in een nieuw, groen jasje. Een mooi voorbeeld hiervan is Biomimicry, het imiteren van de biologische ideeën uit de natuur om menselijke toepassingen uit te vinden, te verbeteren en duurzamer te maken. Voorbeelden van Biomimicry zijn klimaatbeheersing overgenomen van termietenheuvels, het overnemen van het zelfreinigende effect van een lotusblad en het nabootsen van fotosynthese voor schone energie. De ideeën en oplossingen liggen voor het oprapen. We zijn rijker dan we denken.